|
|
||||||
|
Oorknippen. Kort geleden zat ik, een van die schaarse zomerse dagen van 2011, op een zonovergoten terras te genieten van een biertje en van alles wat er langs kwam. Op gehoorafstand zat een groepje mensen over die goeie ouwe tijd te praten. Over dingen die daardoor ook in mijn herinnering werden boven gehaald. Aanleiding daartoe was een Solexclub die voorbij was gekomen. Hoewel ik hun gepasseerde enthousiasme niet kon delen, ik reed toen een bloedsnelle brommer met Sachsmotor, herkende ik wel weer iets van hun speelse tijdperk. De jeugdige periode voordat er brommer mocht worden gereden. Met één van die spelletjes was ikzelf ook erg fanatiek, het zogenaamde sigarettendoosje kaarten. Dat was dan wel in een tijd dat bijna iedereen rookte. De mannen plain, de vrouwen met filter. Er was zelfs een sigaret met een gezondheidsclaim, Doctor Duskin. Wij kinderen hadden ook zo ons genoegen van het roken. Door het sparen van de lege sigarettendoosjes. De voor- en achterkant knipten we in tweeën, zodat je vier speelkaarten had gemaakt. Het kaartspel was erg simpel. Om beurten draaide je een blinde kaart om, die dan op een stapel verdween.
Het deed mij deugd dat, ver van mijn plaats delict van weleer dit boeiende spel nog eens verbaal over tafel ging. Busje schrap, pinkelen…, alle Wii spelen pur sang passeerden de revue. Van mij hadden die herinneringophalers best nog wat langer op het terras mogen blijven zitten.
Menigmaal ben ik door het oorknippen tegen mijn oorlel geschoten. Goed bedoeld, puur als een begroeting. Meer kinderleed is mij niet overkomen.
|