Onze Belgische Schone.

Ach mam, mogen we een poesje? Mam begreep het wel, ze wou het zelf vroeger ook zo graag en eigenlijk nog steeds wel. En op de Belgische markten stonden ze met hele lieven. Het ijzer smeden als het heet is, noemen ze dat. Dus hakten we de knoop door en de keus viel natuurlijk op die kleine zwarte, wat smoezelige pluizebol met het vieze oogje, waarmee ze ons zo lief aan keek. Ze werd door de handelaar in een onwaarschijnlijk klein doosje gestopt, waar ze nog in bleek te passen ook. En... waar ze niet meer uit wou! Want dit was veilig. Ze zette al haar nageltjes schrap en moest er met beleid uitgeschud worden. En blazen
dat zo'n hoopje poes al kon!
Maar goed, ze kwam na een tijdje onder de bank vandaan en wou ook wel op schoot. We organiseerden een doos voor haar om in te slapen en een doosje als kattenbak. De volgende ochtend popelden de meiden om te gaan kijken, maar het mandje was leeg! Ze vonden de kleine op een tree van de trap naar beneden. Toen mijn man wat later zijn pantoffels wou aan doen, bleek dat het principe van de kattenbak nog niet helemaal begrepen was èn dat ons poesje aan de dunne was. Het waren kleine aanloop problemen en het ging snel wat beter. Toen kwam de thuisreis.

Achterin de auto was een grote doos gezet, waarin het slaapmandje en het kattenbakje geïnstalleerd waren.Ze had alle ruimte, dachten we en kon er niet uit. Nog vóór we vertrokken waren, wandelde ze rond door de auto. Dus zwaarder geschut. De doos werd nu dicht getaped, ja uiteraard met luchtgat. We waren net op de snelweg, toen er een erbarmelijk gemiauw klonk. In mijn achteruitkijkspiegel
zag ik hoe ze zich met veel moeite door de opening wrong, het leek een tweede geboorte, maar dan wel door een heel plakkerig baringskanaal. Dus auto op de vluchtstrook, poesje gevangen en de cassettebandjes uit het kleine schoenendoosje gehaald. Luchtgaatjes in het deksel gemaakt en poesje in het doosje, op schoot bij de dochters. Het leek zo'n krappe behuizing, maar al snel klonk er een tevreden gesnor uit het doosje. De reis verliep verder vlekkeloos.

Thuisgekomen ging het niet goed met ons Pokkiepoesje. Ze werd ziek, wou niet drinken, waste zich niet meer. We waren bang, dat ze het niet ging halen.Een bezoek aan de dierenarts leerde ons dat ze te vroeg bij haar moeder was weggehaald en niesziekte had. Ze werd volgestopt met medicijnen en lag onder de "hoogtezon". De medicijnen bleken een tover -middel, ze knapte snel op. Ons Pokkiepoesjes bleek een taaie te zijn. Dat bewees ze vlak erna nog eens. Mijn man plofte in zijn tv-stoel en merkte tot zijn schrik, dat Pokkie daar ook al lag. Hij had haar niet gezien en voelde alleen het koppie ... Ontzet vloog hij weer omhoog in de vaste overtuiging dat hij haar verpletterd had.Ze schoot als een pijl uit de boog weg, hij had alleen haar darmen leeg gedrukt. Sindsdien hebben we een roze dekentje in de donkere stoel gelegd, zodat we onze zwarte Pokkie kunnen zien liggen en ze zonder verdere problemen kon uitgroeien tot onze Belgische Schone.

Carla