De foute prik.

Na een hoop ellende meegemaakt te hebben met onze poes Muis, die we na acht jaar moesten laten inslapen, gingen we naar het Haagse asiel, want zonder poes of kater, was het toch wel stil in huis. We kwamen voor het eerst in een asiel. Ik had wel eerder een hond en een poes uit een winkel weggehaald, maar omdat je vaak hoort van het grote aanbod in het asiel, zijn wij daar naar toe gegaan. Wat we daar zagen was toch wel indrukwekkend, kamers vol met katten, kooien vol met katten, en dan maar kijken of er iets voor ons tussen is. Vooraf hadden we al besloten om twee katers te nemen en dan het liefst twee broertjes. Na lang ronddwalen door kamers, over kattendrolletjes heen stappend, zagen we twee katers zitten in een kooi. Ze waren 6 jaar en ze hadden een witte vacht met rode vlekken. We wilden graag deze katers kopen. Na een formulier ingevuld te hebben, werd afgesproken dat we een week later de katers op kwamen halen. Want helaas mochten ze nog niet gelijk mee. Een week later gingen we naar het asiel terug om de katers op te halen. Daar stond ons een teleurstelling te wachten, want we kregen de katers niet mee. De reden was, het waren katers die altijd buiten wilden zijn en wij wilden graag katers voor binnen. Dat zou problemen gaan geven. Helaas, daar gingen we weer, opnieuw opzoek. Degene die ons hielp zei dat er een kattenkamer was, waar je katten gelijk mee mocht nemen. Na een tijdje in de kamer te hebben rondgekeken, viel ons weer twee katertjes op, die constant om ons heen liepen en kopjes gaven. Het was een zwart/witte kater en een Cyperse. Nog broertjes ook. Nathan en Rambo waren 6 maanden en hadden in een gezin gezeten, waar één van de kinderen allergisch was voor katten, vandaar dat ze in het asiel zaten. We waren al snel verliefd op de broertjes en zo het leek, de broertjes op ons.

Omdat ze nog een lichte mate van niesziekte hadden, kregen we antibiotica mee. Na een week moesten we terugkomen voor hun voorlopig laatste prikje. Zo gezegd, zo gedaan. Maar, toen begon de ellende. Want, wat bleek nu: doordat ze nog antibiotica gebruikten, i.v.m. de niesziekte, mochten ze nog geen injecties hebben. De zwart/witte kater werd zo ziek, dat er nog maar een kleine kans bestond dat hij het zou halen.

De Cyperse was er iets minder slecht aan toe.

's Zondags zaten we dus weer bij een weekenddierenarts en begon de ellende weer opnieuw. Wat we al met ons poesje Muis hadden meegemaakt. De weekenddierenarts heeft de katers behandeld en we moesten de volgende dag gelijk naar onze eigen dierenarts. Die zei: "de dierenarts in het asiel had ze nooit die injectie mogen geven". Maar het was nu eenmaal gebeurd en na nog meer medicijnen, moesten we maar afwachten of ze er doorheen kwamen. Al na een paar dagen merkten we, dat vooral Bas, de zwarte kater die er erg aan toe was, aan de beterende hand was.

Na een klacht ingediend te hebben bij de dierenbescherming, want het zat ons erg hoog, is er een onderzoek ingesteld. Het bleek dat de dierenarts van het asiel, een plaatsvervanger, inderdaad de fout had gemaakt, om de katers te injecteren, wat nog niet mocht. Als troost kregen wij de gemaakte kosten vergoed. Onze grootste troost is dat Tommie en Bassie twee hele lieve, gezonde katers zijn geworden, die 2 april alweer 11 jaar worden, en waar we nog iedere dag van genieten.

Willy.