Oei, ik groei.

De laatste weken van december leek het wel oorlog bij mij thuis. Nee nee, niks geen bommen en granaten, maar grommen, blazen en rond razen . Sinds een kleine maand heeft mijn, ruim een half jaar geleden nog oh zo schriele verwaarloosde kippetje Einstein, ontdekt dat hij een heuse kater is en dát zullen de mezen weten ook! In mijn heilige onschuld dacht ik eerst nog dat alle perikelen, die vaak met deze feestmaand gepaard gaan, zijn welhaast onmogelijke gedrag veroorzaakte. Het duurde echter niet lang voor ik erachter kwam dat hij een tikkende hormonenbom was. Consequent gebruikte hij in eerste instantie Floris als oefenmateriaal. Goedig als Floris is, liet hij de puberale praktijken van Einstein, in dit geval letterlijk, over zich heen komen. Vrijwel vanaf de eerste dag dat het kippetje zijn intrede in ons gezin deed, zijn de twee donders vriendjes in het kwaad. Spelen de gekste en vooral vaak de wildste spelletjes. Echter na een aantal dagen werd het zélfs Floris te gortig en tot mijn grote verbazing begon hij zijn grote vriend áf te bekken en niet zo'n beetje ook! Nu kan ik me daar iets bij voorstellen. Wie ooit de verwoede dekpogingen van een kater heeft gezien, weet dat het er bepaald niet zachtzinnig aan toe gaat. Arme Floris, hij werd letterlijk in de nekhoudgreep genomen, een pitbull is hier heilig bij en de bijtwondjes in zijn nek waren dan ook talrijk. Fleurtje was door al het gedoe danig uit haar humeur, rende al blazend en brommend het hele huis door, om de opdringerige, hardhandige avances van onze adonis te ontlopen. Het enige plekje waar ze nog een veilig en rustig onderkomen vond was bovenop de droger in de badkamer.

Regelmatig brulde ik: "Einstein…als een dame nee zegt, bedoeld ze ook nee!" Maakte dat indruk? Welnee! In het woordenboek van deze, door zijn driften gestuurde puber, kwamen de woorden emancipatie en ongewenste intimiteiten absoluut niet voor. Einstein apart zetten, om eventjes rust te hebben, heeft bij mij thuis geen enkele zin. Siamezen zijn ware meesters in het openen van deuren en lades. Zelfs de schuifdeuren van de keukenkastjes vormen geen enkel probleem. Vandaar dan ook dat in huis alle deuren openstaan, zodat het beestenspul kan gaan en staan waar ze willen.

Terug naar mijn óh zo hardleerse kattenpuber, die van ons huis zijn privé jachtveld had gemaakt. Los van dat het overdag uiterst vervelend was en ik zelfs op het punt heb gestaan hem een poosje de straat op te gooien, om daar zijn lusten bot te vieren, waren de nachten pas écht een ramp. Het leek wel of Einstein er
's nachts nog een schepje bovenop deed om mij voortdurend uit mijn slaap te houden en dat voor iemand die haast een comateuze slaap heeft! Met de Kerst riep ik dan ook, toen ik het méér dan spuugzat was: "2 januari bel ik gelijk de dierenarts" en met een blik op Einstein zij ik, à la Youp van 't Hek, "ja jongeman dan word je gehollupen ,oftewel dan word je een kat met de ballen eraf". Vals als ik soms kan zijn, liet ik mijn uitspraken richting het opgewonden standje gepaard gaan met een knipbeweging van mijn vingers, vergezeld met de woorden "chop chop". Mijn zoons riepen verontwaardigd: "Mhamm, dat beest heeft ook gevoel hoor"…. Hmmm, ik verdenk ze er sterk van dat deze opmerking weinig met Einstein te maken had, maar dat ze eerder vanuit hun mannelijkheid de zaak aan het visualiseren waren…

Twee januari hing ik klokslag negen uur aan de telefoon, om mijn voornemen gestalte te geven. Gelukkig konden we de volgende dag al terecht. Zorgen om de castratie maakte ik me niet. Natuurlijk, iedere operatie brengt een risico met zich mee. Echter in mijn lange kattengeschiedenis heb ik al zoveel katers laten castreren en weet derhalve dan ook dat dit normaal een fluitje van een cent is.
's Middags om drie uur mocht hij worden gehaald. Hoogstens verwachtte ik, een nog wat suffig ventje aan te treffen. Helaas was de realiteit anders. Een werkelijk doodziek, zielig hoopje kater lag in de ziekenboeg op ons te wachten.

De assistente vertelde dat hij een zware buikoperatie had ondergaan en ze op twee plaatsen een fikse jaap hadden moeten maken en zo ongeveer de hele inhoud van zijn buikje binnenste buiten hadden gekeerd, omdat één van zijn balletjes niet te traceren was. Na lang zoeken was het ten slotte gelukt.Het hoeft geen betoog, dat ik ogenblikkelijk spijt had van mijn geplaag, toen ik het hoopje ellende mee naar huis nam, vergezeld van antibiotica en morfine. Ach wat was het ventje ziek en wat was ik blij dat hij er goed doorheen gekomen was. Na een dag of vier werd de pijn gelukkig minder en nu zo'n kleine maand later, is het weer de oude gezellige, lieve donder en is de rust tussen het drietal weergekeerd.

En ik?… Ik slaap weer als een roos…