|
| |||||
| Opnieuw een tweedehands kater. Gompie, een witte gecastreerde kater en een echte 'praatpoes'. Altijd in voor een goed gesprek. Zo gauw je het woord tegen hem richtte, kreeg je gegarandeerd antwoord in de vorm van een reeks miauwtjes en kopjes. Een lieverd, waar absoluut geen kwaad in zat.
En al die jaren week Gomp niet van mijn
zijde en was hij mijn trouwe vriend in goede en slechte tijden. Het is begin 1999
als het steeds slechter gaat met onze Gompie. Onze witte kater heeft al jaren
last van blaasgruis en zijn nieren. Na vele, vele bezoeken aan de dierenarts waar
hij steeds weer van opknapte leek het in 1999, inmiddels 17 jaar, er op dat wij
hem gingen verliezen. We zagen Gompie langzaam achteruit gaan. En zoiets doet
pijn, veel pijn. Zijn oogjes stonden dof en leken te zeggen: toe help me toch,
dit wil ik niet. Dus maar weer naar de dierenarts. Het is dan april 1999. Na onderzoek
blijkt hij, ondanks speciaal voer en medicijnen, toch weer blaasgruis te hebben.
Opnieuw krijgt hij een kuur en warempel, hij knapt weer langzaam op. Maar dan
wordt het eind mei en weer gaat hij achteruit. Bij het bezoek aan
de dierenarts blijkt dat zijn nieren nu zover zijn aangetast dat het bijna onmogelijk
is hier nog iets aan te doen. Hij krijgt en prik, anabolen lijken het wel, waardoor
het 2 weken weer redelijk goed met hem gaat. Maar dan gaat het weer slechter.
Zijn vacht valt uit en hij wordt vel over been. Hij miauwt niet meer en het enige
wat hij nog naar binnen weet te krijgen is wit druivensap, voor de rest eet of
drinkt hij niets meer. Het is hartverscheurend om te zien wat een kracht Gomp
nog weet op te brengen om lekker bij ons op bed te komen liggen.
Op zich al een heel leven achter zich, maar toch nemen we hém mee naar huis en dopen zijn naam om tot Bink. Iets dat wij toch iets beter bij zijn imposante figuur vinden passen dan het zoete Pinkie. Ook Bink is een praatpoes, maar dit is meer frustratie en angst. Want het is een heel bange kater die tegelijkertijd ook heel lief en aanhankelijk is. Opgetild worden vindt hij helemaal niets en hij slaat dan ook gelijk alle vier zijn poten uit om je dit duidelijk te maken. Aaien is heel fijn vooral achter zijn oortjes en onder zijn kin, maar niet 's morgens vroeg. Aaien mag je hem ook zeker niet over zijn achterwerk en staart, want dat resulteert in hetzelfde gedrag als bij optillen. Hij is ook erg bang: bang voor de stofzuiger, bang voor onweer, bang voor 'lawaai' in huis, bang voor het binnendragen van de kratjes met boodschappen, bang voor de attachékoffer van de baas, bang voor het leegruimen van de vaatwasser en zo kan ik nog wel een tijdje doorgaan. Dit alles resulteert in wegkruipen en langdurig klagelijk miauwen. Weken kan het goed gaan en lijkt er niets aan de hand. Tot je op een bepaald moment je beker wat hard op tafel zet of een mes op het laminaat in de keuken laat vallen, en roetsj, staart tussen de achterpoten weg issie, naar boven of weggedoken in de kast, in de douche op de handdoeken. Dan moet er heel wat gebeuren wil hij weer naar beneden komen..., zelfs met lekkere kattensnoepjes of een stukje bruinbrood met een likje boter (z'n lievelingskostje) is hij niet naar beneden te lokken. Meestal is het al wat later in de avond als, wij beiden op de bank aan de koffie zitten, Bink zijn neus onder luid gemiauw weer eens laat zien. Als hij dan wat heeft gegeten, nestelt hij zich lekker bij het vrouwtje op schoot om daar de rest van de avond in diepe slaap en luid geronk door te brengen .. Ondanks dit, is Bink een lieve, oude sukkel vol met ondeugende streken en hoe vreemd, ook een echte schootpoes! Dol op kopjes geven in je haar en je haar kammen! Als je je hoofd naar hem overbuigt, kan je er op rekenen dat je een stevige kopstoot van hem krijgt, inclusief een lief, zacht miauwtje. Ook Bink mag bij ons op bed slapen. Het liefst kruipt hij dan op de buik van de baas! Eigenlijk moet hij naar het voeteneind van het bed als het licht uit gaat en we gaan slapen. Dat doet hij dan ook, meestal heel netjes. Maar 's nachts kruipt hij stiekem terug naar boven en 's morgens ligt hij altijd tegen mijn buik of rug aan. Overdag als het rustig is in huis, ligt hij het liefst languit op de bank of in de vensterbank. Maar bij mooi weer natuurlijk lekker op een stoel in de tuin! In oktober is hij alweer 4 jaar bij ons en wij hopen dat hij, ondanks zijn ietwat gefrustreerde gedrag, nog lang bij ons zal blijven. Want hij geeft ons ook veel liefde, vriendschap en vooral ook veel plezier. Bink, het is een geval apart! Kjirsti
| |||||